Amsterdam UMC volgt 300 coronapatiënten

Patiënten die COVID-19 doormaakten, hebben zes maanden na de infectie nog antilichamen tegen SARS-CoV-2 in hun bloed. Dat blijkt uit door ZonMw gesubsidieerd onderzoek van het Amsterdam UMC. De studie werpt daarnaast licht op de immuunrespons van de gastheer. 


Icoon 1

Wie
Afdeling Medische Microbiologie, Amsterdam UMC

Icoon 2

Wat
RECoVERED-studie naar de afweerrespons bij COVID-19

Icoon 5

Wanneer
Mei 2020 – heden

Icoon 6

Investering
€600.000

Bevindingen

  • Geïnfecteerde patiënten hebben na minimaal 6 maanden nog antilichamen in hun bloed
  • Opvallende activering van genen betrokken bij bloedstolling bij patiënten met ernstige infecties

Het virus SARS-CoV-2 zette de wereld op zijn kop. Viroloog prof. Menno de Jong (Amsterdam UMC) en zijn collega’s vroegen zich af: hoe ontwikkelt de afweerrespons tegen het virus zich, hoelang ben je daardoor beschermd tegen COVID-19 en welke factoren zijn hiervoor bepalend? Waarom wordt de één ernstig ziek en de ander niet? Hoe herstelt de longfunctie zich en welke effecten heeft COVID-19 op de langere termijn?

In de RECoVERED-studie willen zij 300 COVID-19-patiënten gedurende een jaar volgen. “Mede dankzij de subsidie van ZonMw konden we al in mei starten met het includeren van patiënten’, vertelt De Jong. ‘We kijken zowel naar patiënten in de thuissituatie als naar patiënten op de verpleegafdeling of IC van het ziekenhuis. Zo kunnen we het hele klinische spectrum bestuderen, van mild tot zeer ernstig.”

Deelnemers opsporen

Omdat de aantallen opgenomen patiënten in de zomer sterk terugliepen, besloten de onderzoekers ook mensen te includeren die al eerder vanwege COVID-19 opgenomen waren geweest. “Dan mis je weliswaar de acute fase van de infectie, maar de langetermijneffecten kun je prima bestuderen. Nu, in de tweede golf, volgen we weer nieuwe patiënten vanaf de ziekenhuisopname.” Voor milde infecties in de thuissituatie liep de inclusie de hele zomer door. Inmiddels staat de teller op bijna driehonderd deelnemers, van wie ruim de helft met milde klachten. “Bij sommige mensen zitten we nu op negen maanden follow-up, maar bij een groter deel is die periode veel korter. We hopen daarom erg op financiering om ons onderzoeksproject te verlengen, zodat we iedereen minstens een jaar kunnen volgen.”

Aan het woord

Menno de Jong

‘Mede dankzij de subsidie van ZonMw konden we al in mei starten met het includeren van patiënten’

Viroloog prof. Menno de Jong (Amsterdam UMC)

Hoe reageert het immuunsysteem?

Hoewel de studie nog niet is afgerond, valt over bepaalde onderwerpen al wel iets te zeggen. “Bij de deelnemers werd elke maand bloed afgenomen. Tot nu toe zijn daarin bij iedereen nog antilichamen aantoonbaar, ook bij de ongeveer honderd deelnemers die we al minimaal zes maanden volgen.” Dat is positief: het betekent dat deze mensen waarschijnlijk nog beschermd zijn tegen SARS-CoV-2.

De onderzoekers bestuderen de immuunrespons nu meer in detail. “Dan draait het om vragen als: op welk onderdeel van het virus reageert het afweersysteem? In hoeverre zijn de antilichamen in staat om het virus te neutraliseren? En in hoeverre binden antilichamen ook aan andere coronavirussen?” Deze vragen zijn relevant voor het bepalen van een optimale vaccinatiestrategie. “We hebben bij de medisch-ethische commissie ook een verzoek ingediend om straks een extra bloedafname te mogen doen voor en na vaccinatie, om te zien hoe het immuunsysteem van onze deelnemers daarop reageert”, zegt De Jong. “Wellicht is na een doorgemaakte infectie maar één vaccindosis nodig in plaats van twee. Dat zou weer schelen bij de huidige schaarste aan vaccins.”

Welke genen gaan aan of uit?

Een ander onderdeel van de studie waarvan al resultaten te melden zijn, is de respons van de gastheer op het virus: welke menselijke genen gaan aan of uit in de verschillende fasen van de infectie en hoe verschilt dit tussen milde en ernstigere infecties? “We werken hiervoor samen met de al langer lopende Europese MERMAIDS-studie waar ik ook nauw bij betrokken ben. Deze studie includeert patiënten met allerlei luchtweginfecties zoals influenza, rhinovirussen en andere coronavirussen”, licht De Jong toe. “Dit biedt goede kansen om de reactie op SARS-CoV-2 te vergelijken met die op andere luchtwegvirussen.”

In de RECoVERED-studie van De Jong en zijn collega’s worden 300 COVID-19-patiënten gedurende een jaar gevolgd

Bij milde infecties was opmerkelijk dat de genen die betrokken zijn bij perceptie van smaak en reuk waren uitgezet. “Hoe dat komt, begrijpen we nog niet goed, maar ook dit past bij de klachten die we zijn bij COVID-19-patiënten. We hebben dit niet gezien bij milde griep.”

Ziekteverloop voorspellen

Interessant is dat bij patiënten met matig ernstige infecties – dus wel opgenomen in het ziekenhuis, maar niet op de IC – wel al bepaalde genen actief worden, waaronder die stollingsgenen, die bij IC-patiënten de boventoon voeren. “Bij die mensen lijkt het twee kanten op te kunnen gaan: de ziekte kan verbeteren of verder verslechteren. Als we genexpressieprofielen kunnen identificeren die dit omslagpunt bepalen kunnen we beter voorspellen met wie het de slechte kant op kan gaan. Dan kun je wellicht aanvullende behandelingen aanbieden op de verpleegafdeling om IC-opname te voorkomen.”

Meer over Diagnostiek en behandeling

Deel deze pagina

Meer lezen