Hoe verbeter je de verdeling van schaarse middelen tijdens een crisis?

Vooral tijdens de eerste golf van de coronapandemie had de zorg in ons land grote moeite met het verdelen van de schaarse middelen. Inmiddels verloopt de aansturing beter, zo blijkt uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen. De geleerde lessen zijn tevens bruikbaar bij toekomstige crises waarbij schaarste optreedt.


Icoon 1

Wie
Faculteit Economie en Bedrijfskunde, Rijksuniversiteit Groningen

Icoon 2

Wat
Onderzoek naar de rol van landelijke en regionale coördinatie bij het omgaan met schaarste in coronatijd

Icoon 5

Wanneer
2020 – 2022

Icoon 6

Investering
€150.000

Belangrijke onderzoeksvragen:

  • Welke lessen kunnen we trekken uit de eerste coronagolf?
  • Hoeveel IC-bedden zijn er nodig?
  • Hoe verdeel je persoonlijke beschermingsmaterialen in geval van een tekort?
  • Is een grote voorraad van beschermingsmaterialen nodig, en waar sla je die op?
  • Moeten regionale coördinatiestructuren patiënten en middelen verspreiden? 
  • Wanneer is opschaling naar landelijke coördinatie nodig?

Tijdens de eerste coronagolf, in maart 2020, hielp universitair docent Paul Buijs als vrijwilliger met de verspreiding van persoonlijke beschermingsmiddelen over de zorginstellingen in Noord-Nederland. Als wetenschappelijk logisticus van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) viel hem op hoe moeilijk het was deze verdeling goed te coördineren. Gelijksoortige problemen deden zich voor bij de landelijke spreiding van coronapatiënten. Samen met Taco van der Vaart, professor Supply Chain Management, en Gerdien Regts, postdoc-onderzoeker bij dezelfde faculteit, schreef hij daarom een onderzoeksvoorstel om een beeld te krijgen van deze problematiek. “Dat hebben we ingediend bij ZonMw en zij gaven groen licht.”

Aan het woord

Paul Buijs

‘Het was onduidelijk wie op de verschillende niveaus – lokaal, regionaal of landelijk – verantwoordelijk is voor welke beslissing’

Dr. ir. Paul Buijs, wetenschappelijk logisticus RUG

Stap 1: interviews met professionals

De onderzoekers interviewden – via beeldbellen –  een groot aantal professionals uit allerlei disciplines binnen de zorgnetwerken. Zo spraken ze inkopers, beddencoördinatoren, ic-artsen, ziekenhuisbestuurders, coördinatoren van de Regionale Coördinatiecentra Patiënten Spreiding (RCPS) en de top van het Landelijk Coördinatiecentrum Patiënten Spreiding (LCPS). In totaal ging het om zo’n zeventig interviews, waarvan een groot aantal tijdens de eerste en de overige tijdens de tweede coronagolf, licht Regts toe. “We hebben de vragen opgesteld vanuit onze logistieke achtergrond. We wilden van iedereen weten hoe de coördinatie tot stand was gekomen, hoe die functioneerde en vooral waar die niet goed verliep. Het Nederlandse zorgnetwerk is niet zo gericht op centrale aansturing. Ga je dat ineens wel doen, dan weet je dat de schoen gaat wringen.”

Te vaak op eigen houtje

Tijdens al die gesprekken kwamen volgens Buijs telkens twee thema’s terug die gedurende de pandemie speelden. “Een daarvan betrof de plotselinge tekorten op allerlei gebieden, zoals mondkapjes, ic-bedden, de testcapaciteit en de capaciteit voor bron- en contactonderzoek. De omvang daarvan moest snel worden uitgebreid, wat veel coördinatie vergde. Het lukte lang niet altijd om de grote lijnen van de complexe zorgketens inzichtelijk te maken. Er werd te vaak op eigen houtje opgeschaald. Daarnaast zagen we hoe moeilijk het is om met al die beperkingen de capaciteit op eerlijke wijze te verdelen over het land. Het was onduidelijk wie op de verschillende niveaus – lokaal, regionaal of landelijk – verantwoordelijk is voor welke beslissing.”

Personeelstekort

Een sprekend voorbeeld van het op eigen houtje handelen vindt Buijs de inkoop van extra beademingsapparaten. Hij doelt op het begin van de crisis, toen het aantal ic-bedden moest worden opgeschaald van 1.150 naar 2.400. “Toen bestelde Nederland ineens 4.000 beademingsapparaten. Goed bedoeld uiteraard, maar het waren er veel te veel. Van de 1.150 oorspronkelijke ic-bedden waren de meeste immers al voorzien van een beademingsapparaat. Bij de opschaling van het aantal ic-bedden was vooral een gebrek aan personeel het knelpunt.”

Het brandjes blussen door alle schakels in de keten, zoals dat vooral in de beginperiode gebeurde, kan volgens Regts worden voorkomen door vanuit een centrale coördinatie eerst op hoofdlijnen de capaciteitsproblemen in kaart te brengen.

Gaandeweg het onderzoek zagen de Groningse wetenschappers verbeteringen optreden bij het benutten van schaarse capaciteit

Patient movement request tool

Op het gebied van het benutten van schaarse capaciteit zagen de Groningse wetenschappers gaandeweg het onderzoek verbeteringen optreden. Zo merkten ze tijdens de interviews in de beginperiode dat medewerkers van zorginstellingen weinig informatie hadden over het proces van patiëntenspreiding. Dat is nu grotendeels opgelost, constateert Regts. “Er is nu bijvoorbeeld een patient movement request tool waarin ziekenhuizen kunnen aangeven dat ze geen bedden meer vrij hebben en patiënten willen doorzetten in de regio. Als de regio dat probleem zelf niet intern kan oplossen, dan volgt een doorschakeling richting het LPCS.”

Buijs vult aan dat de mensen in het veld ook aangeven dat er op regionaal en landelijk niveau beter naar hen wordt geluisterd en informatie wordt gedeeld. “Ziekenhuizen verlangen transparantie. Ze willen weten of andere ziekenhuizen hun COVID-19-zorg ook opschalen en hoeveel minder reguliere zorg ze aanbieden. De wetenschap dat iedereen de schouders eronder zet, is heel belangrijk.”

IC-bedden voor kinderen

Tijdens hun onderzoek hadden Buijs en Regts regelmatig overleg met vertegenwoordigers van de regionale en landelijke coördinatiecentra. Daardoor leidden hun tussentijdse bevindingen al direct tot verbeteringen in de praktijk. De onderzoekers richten zich nu verder op het analyseren van data om toekomstige schaarste nog efficiënter te kunnen aanpakken. Buijs: “Dan denken we niet alleen aan volgende coronagolven. Zo gaf de griepgolf van drie jaar geleden ook enorme capaciteitsproblemen bij de spoedeisendehulpopnamen. Bij ic-bedden voor kinderen speelt eveneens jaarlijks die krapte. Via centrale sturing is het voortaan wellicht mogelijk ook in dergelijke gevallen de schaarse middelen efficiënter te benutten.”

Meer over Zorg en preventie

Deel deze pagina

Meer lezen